Werkgever, wilt u profiteren van de lage WW-premie? Breng uw arbeidsovereenkomsten op orde!
Home » Actueel » Werkgever, wilt u profiteren van de lage WW-premie? Breng uw arbeidsovereenkomsten op orde!

Werkgever, wilt u profiteren van de lage WW-premie? Breng uw arbeidsovereenkomsten op orde!

01 oktober 2019

Met de komst van de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) wordt de financiering van de Werkloosheidswet (WW) aangepast. De sector, waarin gewerkt wordt, bepaalt nu vaak de hoogte van de WW-premie voor de werkgever. Met de komst van de Wab wordt de hoogte van de premie berekend naar de aard van de arbeidsovereenkomst: vast of flexibel.

Wat gaat er veranderen?
Vanaf 1 januari 2020 wordt een nieuw systeem voor de WW-premie ingevoerd. De sectorpremies worden afgeschaft en er zullen nog slechts twee verschillende premies bestaan: de hoge en de lage WW-premie. Het verschil tussen beide premies is 5%. De exacte hoogte van de twee premies wordt in november 2019 door de minister vastgesteld en bekend gemaakt.

Welke voorwaarden gelden?
De werkgever betaalt de lage WW-premie als aan de volgende drie voorwaarden wordt voldaan:
– Er is een schriftelijke arbeidsovereenkomst gesloten;
– Voor onbepaalde tijd;
– Die geen oproepovereenkomst is.De hoge WW-premie wordt derhalve betaald voor alle werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, (de meeste) uitzendkrachten, fictieve dienstbetrekkingen en oproepkrachten.

Wanneer is sprake van een oproepovereenkomst?
Er is sprake van een oproepovereenkomst:
1) Wanneer de omvang van de werkzaamheden niet is vastgelegd in een aantal uren per tijdseenheid van maximaal een maand;
2) Wanneer de omvang van de werkzaamheden niet is vastgelegd in een aantal uren per tijdseenheid van maximaal een jaar, waarbij het loon gelijkmatig over het jaar is gespreid; of
3) Wanneer de werknemer op grond van artikel 7:628 lid 5 of artikel 7:691 lid 7 BW (uitsluiting van de loondoorbetalingsplicht) geen recht heeft op het naar tijdruimte vastgestelde loon, indien hij de overeengekomen arbeid niet heeft verricht.

Onder punt 1) gaat het om nul uren contracten, waarbij geen aantal uren per week of maand wordt vastgelegd. Onder punt 2) doet de situatie zich voor dat er wel een vast loon per periode (bijv. maand of 4 weken) wordt betaald maar daarbij wordt geen vaste arbeidsomvang per week, maand of jaar gehanteerd. Er vindt een verrekening plaats indien meer of minder uren zijn gewerkt dan uitbetaald. Een min-max contract valt hier bijvoorbeeld onder. Ook al is er wel een minimum en een maximum aantal uren vastgelegd, het precieze aantal te werken uren is niet bekend en dus is er sprake van een oproepcontract. Bij punt 3) gaat het om contracten met een beding tot uitsluiting van de loondoorbetalingsplicht (bijv. bij ziekte) die voor de eerste zes maanden van een arbeidsovereenkomst (7:628 lid 5 BW) of uitzendovereenkomst (7:691 lid 7 BW) kan gelden.

Consequenties voor de werkgever
Bovengenoemde voorwaarden worden strikt gehanteerd en hebben een aantal gevolgen waaraan u als werkgever wellicht niet direct denkt. Zo zorgt het ontbreken van een schriftelijke arbeidsovereenkomst in de administratie ervoor, dat de werkgever geen gebruik kan maken van de lage WW-premie. Ook indien er wel een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is gesloten, die na verloop van tijd van rechtswege een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is geworden, dient de hoge WW-premie betaald te worden. Er is immers geen schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Tevens geldt dat er een door beide partijen ondertekende versie in uw administratie aanwezig moet zijn. Een arbeidsovereenkomst die niet ondertekend is, is immers niet geldend. Zorg dus dat u uw contracten voor 1 januari 2020 checkt en eventueel een nieuwe arbeidsovereenkomst met uw personeel overeenkomt.

Enkele uitzonderingen waarvoor altijd de lage WW-premie geldt
Er zijn drie situaties waarin de werkgever altijd de lage WW-premie betaalt:
– Indien met een BBL-leerling naast een praktijkovereenkomst ook een arbeidsovereenkomst wordt gesloten;
– Indien de werknemer jonger dan 21 jaar is en maximaal 48 uur per vier weken of 52 uur per maand werkt. Per aangiftetijdvak moet bekeken worden of de hoge of lage WW-premie betaald moet worden. De leeftijd op de eerste dag van het tijdvak is bepalend;
– Indien de werkgever uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen (WW, ZW, WIA, WAO, WAZO) aan zijn (ex)werknemer betaald. Dit is het geval als een werkgever eigenrisicodrager is of als de werkgever de uitkering van UWV ontvangt en aan de werknemer doorbetaald (werkgeversbetaling).

Toezicht en handhaving via de loonaangiften
De Belastingdienst controleert of aan de voorwaarden voor de lage WW-premie wordt voldaan in het kader van de loonaangiften. Ook het UWV heeft een rol bij het toezicht en de handhaving. UWV zal gegevens uitwisselen met de Belastingdienst, bijvoorbeeld in herzieningssituaties.

Om te controleren of aan de voorwaarden voor toepassing van de lage WW-premie wordt voldaan, is bepaald dat de werkgever voortaan op de loonstrook van de werknemer moet vermelden of er een schriftelijke arbeidsovereenkomst is, of deze voor onbepaalde tijd is en of het om een oproepovereenkomst gaat. Bij de loonaangifte moet deze informatie ook vermeld worden. Werkgevers c.q. administratiekantoren dienen hiervoor hun loonadministratiesysteem aan te passen.

Herzieningssituaties
De wetgever heeft twee situaties aangewezen waarin met terugwerkende kracht alsnog de hoge WW-premie betaald moet worden. Dit is ten eerste de situatie waarin uiterlijk twee maanden na aanvang, de arbeidsovereenkomst eindigt. Over het algemeen gaat het dan over ontslag binnen de proeftijd. En ten tweede de situatie dat de verloonde uren, over een jaar gezien, de overeengekomen contractuele uren met meer dan 30% overstijgen. Dit om te voorkomen dat een vast contract met (zeer) weinig uren wordt overeengekomen en de werknemer vervolgens structureel overwerk verricht waardoor sprake is van flexibele arbeid.

Tot slot
Bovenstaande informatie is na te lezen in het Kennisdocument Premiedifferentiatie WW, uitgegeven door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dit document bevat ook diverse voorbeelden hoe de WW-premie in de loonaangifte verwerkt moet worden en hoe dat gaat bij herzieningssituaties. Mocht u hulp nodig hebben bij het opstellen van een nieuwe arbeidsovereenkomst met uw werknemer, neemt u dan gerust contact met ons op.

Klik hier voor het kennisdocument.
Print of deel dit artikel online

Meer informatie? Neem contact met ons op:

Mr. Marije Ekamper

Mr. Marije Ekamper studeerde aan de RUG Nederlands recht met de specialisatie Bestuursrecht. Meer informatie

Specialismen: Arbeidsrecht, ontslagrecht

050 302 35 66