Loondoorbetaling bij ziekte

Loondoorbetaling bij ziekte

In artikel 7:629 BW is de hoofdregel opgenomen dat de werkgever verplicht is 70% van het vastgestelde loon te betalen voor de tijd gedurende welke de werknemer niet in staat is om zijn werkzaamheden te verrichten wegens ziekte, zwangerschap of bevalling met een maximum van 104 weken. Bij individuele arbeidsovereenkomst, dan wel cao kan ten gunste van de werknemer worden afgeweken.

Geen loondoorbetaling bij ziekte
Op de regel dat het loon doorbetaald moet worden bij ziekte is een aantal uitzonderingen waarbij het loon niet hoeft te worden doorbetaald. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer de werknemer de ziekte opzettelijk heeft veroorzaakt of wordt veroorzaakt door een gebrek waarover door hem in een aanstellingskeuring is gelogen. Wanneer een werknemer zijn genezing belemmert of vertraagd, niet meewerkt aan de maatregelen, die getroffen worden om de werknemer in staat te stellen passende arbeid te verrichten en als de werknemer de daadwerkelijke passende arbeid niet verricht, is er geen recht op loondoorbetaling. Verder moet een werknemer om recht op loondoorbetaling te hebben meewerken aan het opstellen, evalueren en bijstellen van een plan van aanpak en dient de aanvraag voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering tijdig te worden gedaan. Ook een vrouw die zwangerschapsverlof of bevallingsverlof geniet en hiervoor een uitkering ontvangt heeft geen recht op loondoorbetaling.

Verminderde loondoorbetaling
In bepaalde gevallen kan het bedrag of de termijn waarin de loondoorbetaling bij ziekte geldt worden verminderd. Bij een werknemer die bijvoorbeeld een bedrag ontvangt uit een no-riskpolis mag het uit te betalen bedrag worden verminderd met de uitbetaling uit de sociale verzekering. Ook mogen zogenaamde wachtdagen worden overeengekomen waarbij de werknemer maximaal bij de eerste twee dagen van ziekte geen recht heeft op doorbetaling van zijn loon.

Langere loondoorbetalingsverplichting
Er zijn een aantal situaties waarin een langere loondoorbetalingsverplichting kan worden opgelegd dan 104 weken:

  • als de werkgever de ziekmelding op grond van de Ziektewet te laat meldt;
  • als de aanvraag van een uitkering op grond van de wet WIA te laat wordt ingediend;
  • als de werknemer en werkgever verlenging van de doorbetaling bij ziekte aanvragen omdat een WIA-aanvraag het re-integratieproces zou kunnen verstoren;
  • als de werkgever de verplichtingen in het kader van de re-integratie van de werknemer niet voldoende is nagekomen.

Lees ook over ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid, transitievergoeding en Wetsvoorstel compensatie transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Print of deel dit artikel online