Ontslag in onderling overleg
Home » Diensten » Overheidswerkgever » Ontslagrecht » Ontslag in onderling overleg
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 13-03-2019.

Ontslag in onderling overleg

Bij ontslag met wederzijds goedvinden maken werkgever en werknemer in onderling overleg afspraken over beëindiging van het dienstverband. In veel gevallen is het voor beide partijen gunstig om het ontslag met wederzijds goedvinden te regelen. Het is gebruikelijk om gemaakte afspraken vast te leggen in een zogenoemde vaststellingsovereenkomst. In deze overeenkomst wordt omschreven wanneer de arbeidsovereenkomst eindigt, of een ontslagvergoeding wordt toegekend etc. De meeste werknemers vinden het van groot belang om na een ontslag op basis van een vaststellingsovereenkomst recht te houden op een WW-uitkering, hiervoor kan een bepaling worden opgenomen.

Voordelen voor werkgever:

  • Geen onzekere en mogelijk kostbare ontslagprocedure;
  • Zekerheid over beëindiging dienstverband;
  • Geen ‘moddergevecht’ en mogelijke onrust binnen de organisatie;
  • Geen risico dat onverwacht een hoge ontslagvergoeding betaald moet worden
  • Kans om op een normale zakelijke manier afscheid te nemen.

Voordelen voor werknemer:

  • Geen emotioneel belastende en mogelijk kostbare ontslagprocedure;
  • Eventueel afspraken maken over een ontslagvergoeding;
  • Kans om op een normale en zakelijke manier afscheid te nemen;
  • Mogelijkheid om individuele afspraken te maken;
  • Meestal gewoon recht op een uitkering.

Bedenktermijn
Bij een vaststellingsovereenkomst heeft de werknemer na het ondertekenen van de overeenkomst recht op een bedenktermijn van maximaal veertien dagen. Het is belangrijk om deze opzegtermijn in de vaststellingsovereenkomst op te nemen. Mocht er in de vaststellingsovereenkomst geen bedenktermijn vermeld staan dan wordt de bedenktermijn automatisch verlengd naar drie weken. Tijdens de bedenktermijn kan de werknemer schriftelijk terugkomen op de minnelijke regeling. Als de werknemer tijdens de bedenktermijn terug komt op zijn instemming met ontslag dan heeft de vaststellingsovereenkomst niet bestaan. Dit betekent dat er geen overeenkomst meer is. Daarmee is dus niets geregeld tussen werkgever en werknemer: beide zijn terug bij af. De werkgever moet het loon doorbetalen en de werknemer moet zijn arbeid verrichten. Het herroepingsrecht mag de werknemer overigens maar eenmaal in de zes maanden gebruiken.

Ontslagvergoeding voor ambtenaren
In de meeste ‘oude’ wachtgeldregelingen bestond de mogelijkheid om als ambtenaar bij ontslag te kunnen kiezen voor een zogenaamde afkoop van de wachtgeldaanspraken. In dat geval vond er een éénmalige betaling plaats, een ontslagvergoeding. In de meeste gevallen bedroeg deze afkoop 30% van de nominale waarde van de totale wachtgeldaanspraken. Met de huidige regels is afkoop vaak nog steeds mogelijk. Het kan dan gaan om een volledige afkoop van WW en bovenwettelijke uitkering. Ook is het denkbaar dat de afkoop alleen betrekking heeft op de bovenwettelijke uitkering en dus niet op het WW-deel. In veel gevallen wordt nog steeds een norm gehanteerd van 30% van de nominale waarde van de af te kopen uitkering.

Print of deel dit artikel online